Als een kind een ouder in de gevangenis heeft: tips voor professionals
In Vlaanderen zijn er naar schatting 9.000 kinderen van wie een ouder in detentie zit. De kans is dus reëel dat zo’n kind in jouw klas of jeugdbeweging zit, ook al weet je het misschien niet. Als professional kan jij mee het verschil maken. Want deze kinderen gaan naar school, naar de sportclub, de jeugdbeweging.
Wat zie je mogelijk bij een kind in deze situatie?
Kinderen reageren heel verschillend als een ouder aangehouden wordt of in detentie zit. Het ene kind trekt zich terug, het andere wordt drukker. Het zijn normale reacties op een abnormale situatie.
Een ouder in detentie is bovendien een ingrijpende ervaring. Onderzoek toont aan dat zulke ervaringen het risico verhogen op emotionele en sociale problemen, ook op latere leeftijd. Tijdige ondersteuning en een begripvolle omgeving maken een verschil.
Gedrag dat je kan opmerken:
- Plots stiller of juist onrustiger worden
- Concentratieproblemen of dalende schoolresultaten
- Zich terugtrekken uit de groep of minder afspreken
- Dingen verzwijgen of verhalen vertellen die niet kloppen
- Moe, gespannen of verdrietig lijken zonder duidelijke reden
Achter dit gedrag zitten vaak gevoelens als verdriet, schaamte, schuldgevoel, kwaadheid of angst. Kinderen weten niet altijd hoe ze dat moeten benoemen. En ze durven er zeker niet altijd over praten, zeker niet als ze het gevoel hebben dat het een geheim is.
Wat kan jij doen?
Wees zichtbaar aanwezig
De eerste en belangrijkste stap is eenvoudig: laat merken dat je er bent en er wil zijn voor het kind. Dat hoeft geen groot gesprek te zijn. Een blik, een hand op de schouder, een korte vraag.
Maak ruimte, maar dwing niets af
Je hoeft het onderwerp niet meteen aan te snijden. Maar je kan wel laten merken dat je er bent, dat het veilig is om met jou te praten.
- Spreek een kind apart aan, niet voor de groep.
- Zeg wat je ziet: ‘Ik merk dat je de laatste tijd wat stiller bent. Is alles oké?’
- Stel open vragen en laat stiltes toe.
- Dring niet aan als een kind niet wil praten. Zeg dat je er bent als het wil.
Hou rekening met schaamte
Kinderen met een ouder in detentie voelen vaak aan dat ze ‘anders’ zijn dan de anderen. Ze zijn bang voor roddels, pesterijen of dat andere kinderen niet meer met hen mogen omgaan.
- Reageer neutraal en zonder oordeel als een kind iets vertelt.
- Bescherm de privacy van het kind, deel niets met andere kinderen of met andere ouders zonder toestemming.
- Grijp in als je pesterijen ziet rond de situatie van het kind.
Laat de afwezige ouder aanwezig blijven
De ouder in de gevangenis is en blijft een ouder. Kinderen hebben er baat bij als professionals dit respecteren, ook al is de situatie complex.
- Vermijd negatieve uitspraken over de ouder in detentie.
- Neem de ouder mee in schoolcommunicatie als dat kan en gewenst is.
- Als een kind een tekening maakt of iets schrijft voor die ouder, geef daar ruimte voor.
Zorg voor stabiliteit en regelmaat
Thuis verandert er veel. Jouw context, de klas, de turnkring, de jeugdbeweging … kan een vaste waarde zijn. Dat is waardevoller dan je denkt.
- Hou de gewone routines aan.
- Reageer rustig en voorspelbaar, ook als het gedrag van het kind moeilijk is.
- Vermijd extra druk op momenten dat het kind het al zwaar heeft.
Schakel hulp in als het nodig is
Als je je zorgen maakt over een kind, praat dan met je directie, het CLB of een vertrouwenspersoon binnen je organisatie. Signaleer ook aan de ouder thuis wat je ziet, op een niet-oordelende manier.
Wat zeg je als een kind het jou vertelt?
Soms vertelt een kind spontaan of in een onbewaakt moment dat zijn of haar ouder in de gevangenis zit. Hoe reageer je dan?
- Bedank het kind dat het dit met jou deelt.
- Zeg dat je blij bent dat het dat verteld heeft.
- Stel geen vragen over het strafbare feit zelf.
- Ga niet in op roddels of wat je zelf al weet of gehoord hebt.
- Zeg wat je kan doen: er zijn, luisteren, samen zoeken naar steun.
- Bespreek met het kind wat het wil dat jij met die informatie doet.
Zeg zeker niet dat het een geheim moet blijven. Dat legt extra druk op een kind. Leg wel uit dat het niet met iedereen hoeft te praten en dat jullie samen kunnen bespreken aan wie het iets wil vertellen.
Wat je beter niet doet
- Het kind confronteren met de feiten.
- Medelijden tonen op een manier die het kind in de groep apart zet.
- Informatie doorspelen zonder toestemming van de ouder thuis.
- Doen alsof er niets aan de hand is als je duidelijk merkt dat het niet goed gaat.
Hulpmiddel: de kortfilm ‘Ik zou je graag zien’
CAW maakte samen met het Vlaams Expertisecentrum Kindermishandeling (VECK) de kortfilm ‘Ik zou je graag zien’. Daarin vertellen kinderen zelf hoe het is om hun ouder in de gevangenis te bezoeken. Je kan de film gebruiken als startpunt voor een gesprek. De film geeft kinderen houvast en geruststelling, en helpt professionals om het thema bespreekbaar te maken.